Veldgids: vier soorten developers in 2026
Iedereen "doet iets met AI". De manier waarop verdeelt het vak in vier groepen, met vier verschillende uitkomsten.
Veldgids: vier soorten developers in 2026
Iedereen die “developer” op LinkedIn heeft staan, gebruikt nu wel iets met AI. De manier waarop verschilt. Vier patronen, scherp af te bakenen, met voorspelbare uitkomsten.
Type 1: De Afwachter
Wacht tot “het volwassen is”. Zegt dit sinds april 2024. Werd ook overvallen door Docker, React en Kubernetes, telkens vier jaar later dan de rest, met als argument dat het tóén pas volwassen was. Houdt deze redenering vol zonder ironie.
De Afwachter denkt dat hij voorzichtigheid bedrijft. In werkelijkheid bedrijft hij een carrière-arc waarvan hij zelf de helling niet ziet: elke keer komt hij later binnen, met minder onderhandelingspositie, met het excuus dat het toen wél een serieus stuk gereedschap was. Over twee jaar werkt hij in een team waar AI-fluentie een instapeis is en hij de outlier. Hij merkt dat pas als zijn rate al gedaald is.
Type 2: De Onderbenutter
Heeft Copilot. Tikt iets, drukt op tab. Heeft nog nooit een gesprek met een agent gehad dat langer duurde dan vier zinnen. Vertelt juniors dat “AI een tool is, geen vervanger”, zonder door te hebben dat hij beide kanten van die zin niet begrijpt.
De Onderbenutter heeft tien jaar ervaring, is technisch competent, en exact het profiel dat de markt de komende achttien maanden compresseert. Zijn ervaring is reëel. Alleen het deel dat hij verkoopt, snelheid en code-output, is precies wat een Type 4 voor een tiende van de tijd levert. Hij zal niet ontslagen worden. Hij wordt simpelweg niet meer aangenomen.
Type 3: De Principiële Weigeraar
Hacker News-tab altijd open. Heeft één onderzoek paraat waaruit blijkt dat AI engineers trager maakt, en haalt het er bij elke discussie bij. Eén. Probeert in het weekend stiekem Claude, vindt het tot zijn ongenoegen best wel goed, erkent dat nooit. Is verder daadwerkelijk goed in zijn vak. Daarom de meest invloedrijke van het stel.
Dat laatste is wat de Weigeraar zo onhandig maakt voor het bedrijf waar hij zit. Zijn weerstand is intellectueel verdedigbaar genoeg om jongere engineers af te remmen, en zijn track record dwingt anderen om zijn oordeel serieus te nemen. Hij wordt over twee jaar of gemarginaliseerd door een team dat hem omzeilt, of hij draait om en wordt, schoorvoetend, na een private kapitulatie, de meest formidabele Type 4 in zijn cohort. Geen tussenweg.
Type 4: De Regisseur
Plaatst hier niets over op LinkedIn. Twee tools, geen tien. Gooit sessies weg waar Type 2 nog drie uur in zou repareren. Praat over agents zoals over een schroevendraaier. Heeft daardoor de marktwaarde die de andere drie denken te hebben.
De Regisseur kadert af. Hij bepaalt wat te bouwen, wat weg te gooien, wanneer een agent te onderbreken, wanneer een sessie verloren is. Zijn vak is verschoven van uitvoeren naar oordelen. Dat is een dunner repertoire dan Type 2 vermoedt, en een breder repertoire dan Type 1 ooit zal aanleren. Hij is de enige van de vier voor wie de markt over twee jaar betere voorwaarden biedt dan nu.
In maart sprak ik een opdrachtgever die drie kandidaten had geïnterviewd voor een seniorrol bij een mid-size SaaS-bedrijf. Vergelijkbare cv’s, vergelijkbare jaren ervaring. De derde kandidaat had hem op één punt verward. Op de vraag hoeveel tijd ze per week aan een bepaalde codebase besteedde, antwoordde ze: “Hangt af van hoeveel ik delegeer. Twee uur per dag aan agents instrueren. Vier uur aan reviewen wat ze maken. Een uur aan beslissen wat ik weggooi.”
De opdrachtgever vond die uitsplitsing verontrustend specifiek. De vorige twee kandidaten hadden iets gezegd over “productiviteitswinst” en “AI als ondersteuning”. Hij vroeg me of het derde antwoord een red flag was. Ik vroeg of ze haar gewenste rate had genoemd. Ja, antwoordde hij, zestig procent boven de andere twee. Hij had aangenomen dat dat een fout was, een typo.
Ze was Type 4. Haar tijdsverdeling was de tijdsverdeling van het nieuwe vak. Wat de opdrachtgever verwarrend vond, was precies wat hij zocht. Hij had alleen nog geen taal om het te herkennen, en geen rate-benchmark om het in te schalen. Hij nam de tweede kandidaat aan. De derde werkt nu voor een concurrent, aan een productlijn die er een halfjaar geleden niet was en die de opdrachtgever vorige week noemde als verklaring voor zijn eigen tegenvallende kwartaal. Hij heeft die twee dingen nog niet aan elkaar verbonden.
De strategische laag
Het patroon is helderder dan het persoonlijke ongemak ervan suggereert.
Wat verandert is niet “AI maakt code”. Dat is het oppervlak. Wat verandert is welk soort werk de markt nog wil betalen. Tien jaar geleden was de schaarste: kunnen typen wat een specificatie vroeg. Vijf jaar geleden was de schaarste: weten welke library de juiste was. Nu is de schaarste: oordelen wat überhaupt gebouwd moet, en wat een agent voor de derde keer verkeerd heeft begrepen.
Die verschuiving sloopt rolverwachtingen die nog gebouwd zijn op het oude schaarstemodel. Type 1 dacht dat hij wachtte op rijpheid, maar wachtte feitelijk op herstel van een markt die niet terugkomt. Type 2 dacht dat hij senioriteit opbouwde, maar bouwde routine in een ambacht dat geautomatiseerd werd. Type 3 dacht dat hij vakmanschap verdedigde, maar verdedigde een definitie van het vak die het bedrijf waar hij werkt al niet meer aanhoudt.
Type 4 heeft geen heldere doctrine. Hij heeft simpelweg eerder gemerkt dat zijn schaarste verlegd is. Niemand heeft hem dat verteld. Hij rekende het uit door te kijken naar wat hem geld opleverde en wat niet meer. Het verschil is empirisch, en dat is precies waarom de andere drie hem niet inhalen via een artikel of een cursus.
De vier types delen één blinde vlek. Ze denken dat de transitie iets is wat hen overkomt, terwijl het iets is wat ze door hun dagelijkse keuzes versnellen of vertragen. Type 1 versnelt zijn marginalisatie door te wachten. Type 2 versnelt zijn compressie door routine te herhalen. Type 3 versnelt zijn splitsing door luid te blijven over een onderzoek waar hijzelf niet meer in gelooft. Type 4 versnelt zijn schaarste door stil te bouwen. Het is een mechanisme.
Drie van de vier herkennen zich onmiddellijk in een ander type. Type 4 leest dit niet. Die is iets aan het bouwen.